1 Vogelkinderen_3D_JPG

Vogelkinderen

De wereld van Aqila en Dayo is groen en vreedzaam. Dieren hebben een stem. Geluk staat voorop. De nieuwe mensen hebben vleugels. Ze kunnen vliegen en praten met dieren. Ze noemen zichzelf: Vogelkinderen.

Aqila is een vogelmeisje. Haar moeder is de hoogste bestuurder. Haar vader heeft ze nooit gekend. Gewone mensen zijn er ook nog. Zij mogen niet meer mee beslissen.

Dayo is een gewone jongen. Zonder vleugels. Dayo is gek op Aqila maar hij weet dat ze later een vogeljongen zal kiezen.

Als Aqila’s moeder in het niets verdwijnt, breekt een opstand uit. Dayo en Aqila volgen een spoor de bergen in. Twee verliefde tieners proberen een perfecte wereld te redden van de ondergang.

Leeftijd                : 13-16 jaar
ISBN print           : 97890 82418910
ISBN e-boek      : 978 90 82418927

IDEE

Met Vogelkinderen wilde ik onderzoeken hoe de toekomst eruit ziet als we vanaf nu andere keuzes maken. Ik verdiepte me in duurzame technologie, oosterse filosofie, andere manieren van besturen, natuurbescherming en communicatie met dieren. Langzaam ontstond in mijn hoofd een eigen wereld, die van de Vogelkinderen in het jaar 2143. Geluk zette ik voorop. Dieren kregen een stem. De nieuwe mensen gaf ik vleugels. En tijdens een wandeltocht door het Cantabrisch gebergte (Spaanse noordkust) besloot ik dat de prachtige natuur daar model werd voor de bossen en bergen rond Amalur. Achter mijn bureau ging ik snel houden van de personages, van Aqila, Dayo, Nulan en Tyia, van de wolf Scherptand, de reigers en de oude boom Wolkentak. Maar de idealen van de een, zijn vaak niet de idealen van een ander. Zo ontstond een verhaal over een perfecte wereld, een onmogelijke liefde, een onbekende vader, pratende dieren, een opstand, en over elkaar zoeken als je verschillende ideeën hebt.

‘Ik duik over de rand. M’n armen strak langs mijn zij. Ik val. Twee meter. Drie meter. Dan is de lucht helemaal vrij en ik sla de vleugels uit die me deden geloven dat ik een volwaardig vogelmeisje was. Dayo rent me achterna. Hij kan me niet bijhouden. Natuurlijk kan hij mij niet bijhouden. Ik sla alle boosheid van me af en maak grote slagen, over de huizen en bij de waterval bijna loodrecht omhoog. Het water moet me de weg wijzen. Er zijn bronnen, zeggen ze, op een plek waar veren kapot waaien en oudmensen niet kunnen komen, bronnen die op alle vragen antwoord geven.’

In deze scholierenroman brengt Boode een wereld tot leven waar de klimaatspijbelaars, met hun kartonnen actieborden, om vragen. (…) De mensen staan niet buiten de natuur. Ze zijn er weer onderdeel van. (…) Vogelkinderen gaat over hoop, moed, optimisme.

-Trouw

Avontuurlijk, romantisch en fantasierijk.

-Mustreadsornot.com

Futuristisch, avontuurlijk, spannend, maar bovenal het overdenken waard.

-Boeklovers

Vogelkinderen is een jeugdboek, maar ik kan me zo maar voorstellen dat volwassen er ook heerlijke avonden mee door kunnen maken.

-LeesMagzazine bol.com

EEN ANDERE WERELD

Als ik schrijf, teken ik veel plattegronden. Als Dayo en Aqila op een bootje over de rivier de bergen in varen, moet ik weten wat ze onderweg zien, waar de zon schijnt en waar de schaduw valt. Ook de natuur moet kloppen. Dat zoek ik allemaal uit. Welke planten staan er in het voorjaar in de bergen in bloei? Welke dieren leven op welke hoogte?

De vleugels van Aqila waren ingewikkelder. Ik vergeleek afbeeldingen van skeletten van vogels met die van mensen en probeerde me voor te stellen hoe ik met zo min mogelijk aanpassingen een mens kan laten vliegen. Vleugels alleen waren niet voldoende. Met onze zware benen zou het zwaartepunt tijdens het vliegen te veel naar achteren liggen. De Vogelkinderen kregen daarom smalle heupen en dunne benen.

Er gebeurde nog iets: als je van armen vleugels maakt, krijg je onhandige armen. Dat leverde een mooi verhaalelement op. Dayo is jaloers omdat Aqila kan vliegen, op open terrein en in de bergen is Aqila hem altijd te snel af. Maar in de dichte bossen, de nauwe grotten en in het water, is Dayo de sterkste. Aqila droomt van armen waarmee ze kan zwemmen.

Ik denk dat het belangrijk is om je hele leven te blijven fantaseren. Want als je iets wil veranderen aan je eigen leven of aan de wereld om je heen, is het handig als je je kunt voorstellen hoe het eindresultaat eruit moet zien. In mijn lessen en workshops is het trainen van verbeeldingskracht daarom een vast onderdeel.