HomeWie ben ikPortfolioTeksten

1. Column, ANWB Kampeer- en Caravan Kampioen
2. Kinderboek, De Ezel van Os
3. Bernhard, Presentatie M-Lab
4. Toneel, The Chriz
5. Gandhi. de musical

 

bietie

Column, ANWB Kampeer- en Caravan Kampioen


VW FLEUROP

Als je ooit op een kruispunt vaststaat achter een bos bloemen dan sta je achter de Volkswagen Fleurop van een vriendin van me. Ze heeft de bus beschilderd met onontdekte exoten en met wandelende gitaren die te veel zaadjes hebben gerookt. Als de bougies haperen of de radiator lekt, duikt ze zelf onder de motorkap. Wat ik erg sexy vind. Ook midden op een kruispunt. Binnen is een keukentje en als je alle troep aan de kant schuift kun je er slapen. Elk voorjaar krijgt de bus een nieuwe bestemming. Van een mobiele tantramassagesalon, via een veggie burger drive-out en een fairtrade versie van Starbucks tot het bruisende hart van een silent disco. Helaas komt van de plannen niets terecht want mijn vriendin heeft nooit één cent over en ze raadt iedereen sterk af om het haar te lenen. Zelf heb ik een zilveren Opel Astra station. Tweedehands. Gekocht bij een automannetje in mijn straat. Mijn auto zoemt over de weg en verder heb ik het meest uitgebreide abonnement op gele wegenwachtautootjes dat je kunt krijgen. Vorige zomer zouden zij en ik meeten in Bretagne. Allebei single, kinderen en zin in de zomer. Ik zat al twee dagen met de kids voor onze koepeltentjes aan de crêpes en de appelcider toen de VW Fleurop met een kapotte startmotor strandde op een stadscamping ter hoogte van Calais. Een week lang zou het nieuwe onderdeel après-midi komen en een week lang appte ik elke dag dat ik ook naar Calais kon komen. Dat vond ze overdreven. Ik bleef in Bretagne. Zij werd bevrijd door de veelbelovende accordeonist van een Vlaams tangogezelschap die de Franse taal wel machtig was. Ze zijn nog steeds samen. De VW Fleurop staat ongebruikt voor de deur met een muzikale V-snaar maar wordt volgend jaar een uitlaatservice voor spirituele honden. Kan iemand mij uitleggen waarom ik jaloers ben?

 

----

1. Column, ANWB Kampeer- en Caravan Kampioen
2. Kinderboek, De Ezel van Os
3. Bernhard, Presentatie M-Lab
4. Toneel, The Chriz
5. Gandhi. de musical

 

De ezel van os

DE EZEL VAN OS

Halverwege de gang hield Alisia in. Zachtjes sloop ze naar de keuken. Zo zachtjes als je loopt wanneer je in de keuken hoort praten, terwijl je weet dat er niemand is. Of beter gezegd: dat er niemand zou moeten zijn. Alle kruiden, pannen, borden en keukengerei; kortom alles wat je in een keuken kunt vinden, stond naast elkaar op de grond. Garde stond met rechte rug voor de rij.

‘Rozemarijn!’ schreeuwde Garde.
‘Present!’ gilde Rozemarijn.
‘Marjolein!’ schreeuwde Garde.
‘Present!’ gilde Marjolein.
‘Peterselie!’ schreeuwde Garde.
Het bleef stil. De kruiden keken bezorgd naar Peterselie.
‘Peterselie!’ schreeuwde Garde ongeduldig.
‘Sorry, present!’ zei Peterselie met een schor piepstemmetje.
Garde ging pal voor hem staan.
‘Nieuw hier?’
‘Ja, meneer. Vers,’ zei Peterselie.
Garde kneep met zijn ogen en boog dreigend naar hem toe.
‘Ben je trots op je bos krullen?’
‘Ja, meneer,’ piepte Peterselie.
‘Jammer,’ schreeuwde Garde. ‘We knippen je helemaal kaal!’ Garde ging weer voor de rij staan.
‘De laatste lichting komt zo. En,’ voegde hij eraan toe, ‘wie dit jaar de roomsaus verpest, doet niet mee aan het toetje. Begrepen?’
‘U heeft mij niet genoemd,’ klaagde Blikopener. ‘U vergeet mij elk jaar.’
Ik droom, dacht Alisia. Ze kneep zichzelf in haar arm en gilde zacht omdat ze harder kneep dan ze zelf dacht. Alle kruiden, pannen en borden verdwenen razendsnel in de kastjes. Eén bord bleef alleen achter op de grond. Alisia raapte het bord op. Ze werd gek van Kerstmis en ze kreeg opeens veel zin om het bord te laten vallen, misschien wel kapot te smijten. Zou ze…
‘Nee!’ Het stemmetje kwam uit het bord.
Alisia schrok en liet het bord los. Alle theedoeken en pannenlappen vlogen van de haakjes en vingen het bord op voordat het kapot kon vallen. De keukenla schoof piepend open. Garde leunde met twee gebogen staaldraden op de rand.
‘Jij vindt jezelf heel wat, niet?’
‘Je… praat,’ stotterde Alisia.
‘Natuurlijk,’ zei Garde.
De pannenlappen zetten het bord rechtop, de theedoeken gaven het een zetje. Bibberend rolde het bord naar het bordenkastje. Verbaasd hield Alisia het deurtje voor hem open.
‘Hoe kan ik nou weten…’
‘Er is zo veel wat jij niet weet,’ onderbrak Garde haar.
‘Ja, maar als ik wist dat ik het niet had geweten…’
‘Dan had je het wel geweten.’
‘Precies,’ zei Alisia. ‘En dan zou ik voorzichtiger zijn geweest.’
‘Dan zou ik in het vervolg maar wat voorzichtiger zijn,’ zei Garde.
Ik word gek, dacht Alisia. ‘Alles is de schuld van Kerstmis!’
‘Mmm…’ Garde keek ernstig omhoog. ‘Ga naar de Chriz.’
‘De wie?’
‘De Chriz! Santa, de Kerstman, of hoe jullie hem ook noemen.’
‘Hou op!’ Alisia liet zich niet zomaar voor gek zetten. ‘Jezus is zoek. Jozef is gebroken. Mijn ouders hebben geen tijd. De Kerstman bestaat niet. En jullie zeggen niets. Niet echt, bedoel ik.’
Want een garde kan niet praten. Maar leg dat maar eens uit aan een garde die tegen je praat. De garde zei niets meer, precies zoals gardes horen te doen. Jammer. Eigenlijk.
‘Goed,’ besloot Alisia. Stiekem hoopte ze dat Garde weer zou praten. ‘Ik ga naar de Chriz. Kan iemand een rendierentaxi bellen?’ Ze gluurde opzij.
Garde boog zijn staaldraden en trok Blikopener uit het hoekje waar hij zich had verstopt.
‘Geef haar het cadeau,’ zei Garde plechtig.
‘Het cadeau?’ Blikopener leek te blozen. ‘Ik?’ Hij struikelde naar een oud koekblik en tilde er een zilveren sneeuwstolpje uit. Kruiden, pannen en borden gluurden uit alle laatjes en kastjes naar het glimmende cadeau. Blikopener sprong op het aanrecht en begon te zingen.

Wil je doen wat je nooit deed
weten wat je nog niet weet
Dit cadeautje leert je kijken
zoals jij nooit eerder deed

Blikopener schoof het stolpje naar Alisia. Onder het bolle glas stond een zilveren paleisje in een dikke laag sneeuw. Alisia merkte dat ze bloosde. Net smeet ze bijna een bord kapot en nu kreeg ze een cadeau.
‘Ik weet niet…’
‘Precies,’ onderbrak Garde haar.
Voorzichtig schudde Alisia het stolpje. De sneeuwvlokken onder het glas dansten rond het paleis. Toen voelde ze ook koude vlokken op haar neus en haar handen en haar wangen. Uit het plafond vielen grote, dikke sneeuwvlokken. De deur van de koelkast zwaaide open. Een koude wind waaide door de keuken. Alles om haar heen werd wit en Alisia dwarrelde door de lucht alsof ze zelf niet zwaarder dan een sneeuwvlokje was.

 

----

1. Column, ANWB Kampeer- en Caravan Kampioen
2. Kinderboek, De Ezel van Os
3. Bernhard, Presentatie M-Lab
4. Toneel, The Chriz
5. Gandhi. de musical

 

orestes

Liedteksten uit: Bernhard, presentatie M-Lab

Teksten: Mark Boode
Muziek: Jasper Kerkhof en Richard FitzHugh


Brief aan Hitler
Gezongen door: Bernhard

De stiltes
De blikken
Mijn vrienden knikken
Maar gaan daarna hun eigen gang

Een prins maar
ook Duitser
een vriend of vijand
ieder trekt zijn eigen plan

Ben ik een
Verrader?
Soldaat of diplomaat
De vraag wordt nooit aan mij gesteld

Twee keer heb
Ik nu al
Een vaderland verlaten
Ben ik een lafaard of een held?

De echte oorlog woedt van binnen
En scheidt de daden van de droom
Ministers die het land ontvluchten
Een witte vlag boven de troon
In ballingschap heft men de glazen
Op een verloren vaderland
Opdat het tij zichzelf zal keren
Liever keurig bezet, dan recalcitrant

(gesproken tekst met underscore:)
Van mij mogen ze London bombarderen.
Als ze dan maar wel onze regering raken.
Vechten moeten we, vechten!
Maar onze ministers vergaderen eerst over de vraag wie al die uniformen moet strijken.
Angsthase, zijn het, Scheiβkerl!

(zingend)

Pas als ik eerst heb kunnen winnen
Van al hun trots en ijdelheid
Als zij bereid zijn om te sterven
En de angst hen niet meer leidt
Pas als zij klaar zijn om te vechten
Kan mijn Nederland ontstaan
Maar zo lang kan ik niet wachten
En hier krijg ik niets gedaan

(opgewekt:)

Ik schrijf een brief aan Hitler
Als een bekommerd onderdaan
Ik schrijf een brief aan Hitler
En bied de man mijn diensten aan
Ik schrijf een brief aan Hitler
Beloof de man mijn trouw
Met complimentjes voor zijn snor
Zijn haardracht en zijn vrouw

Ik schrijf een brief aan Hitler
En wordt zijn rechterhand
Ik schrijf een brief aan Hitler
Als wethouder van Nederland
En na die brief aan Hitler
Bescherm ik het verzet
De Joden en de KLM
De Goudse kaas en ons ballet

Ik schrijf een brief aan Hitler
Ik vlieg terug en dan
Doe ik wat ik altijd doe
Ik trek mijn eigen plan
Ik schrijf een brief aan Hitler
Mijn vondst is magistraal
Simpel en doeltreffend
En daarom geniaal!

(weer strijdlustig, neemt zichzelf heel serieus:)

Ik geef niet op, ik vecht terug
Een sterke man maakt het verschil
Ik bal mijn vuist, ik recht mijn rug
Vecht voor mijn land, mijn hart, mijn wil
Ik pleeg verzet, ik deserteer
Ik zet ons land weer in ‘t gareel
En wie niet aansluit knal ik neer!
Eén land, één man, één kans, één wil

-.-

Om alleen…
Gezongen door: Juliana

(Gesproken tekst)
Ssst. Ik ben nog maar net begonnen.
Ik heb altijd al eens op zo’n kruk willen zitten.
Naakt. Aangestaard. Bewonderd.
Begeerd.
U mag staren. Kwijlen. Woorden roepen. Wat u wilt.
Ik wil ook wel eens weten hoe het voelt om begeerd te worden door een vreemde.
De bossen van Canada zijn stil.
Je ziet niemand, je hoort niemand. Alles blijft verborgen.
Mijn man stuurde me brieven.
Dat wel.
Bestellijstjes.
Chocolade, badzout, fotorolletjes, zijde onderbroeken.
(cynisch) Ik wist heel goed waar hij WEL tekort aan had.
Maar ik vond het goed.
Ik had de kinderen.
Kinderen. Ach ja, ik ben ook maar een mens.
Ik stelde me hem voor. Achter zijn bureau. Sabbelend op zijn pijp.
Een glas gin-and-tonic voor zich. De hond Martin speels aan zijn voeten.
Een kleine jongen die niets te doen heeft. Geen vriendjes, geen bal.
Alleen een piemeltje om mee te spelen.
Ik wil ook wel eens weten hoe het voelt om begeerd te worden door een vreemde.

(gezongen tekst:)
U mag staren
Woorden roepen
U mag voelen
Even snoepen…

U mag
strelen, zoenen, aaien
U mag
vozen, minnen, kraaien
en als bonus
even graaien

Vreemde handen
Vreemde ogen
Vreemde lippen op de mijne
Wie hebben zij belogen
Om bij mij te kunnen zijn
Om even vrij te kunnen zijn
Om te proeven

van wat lief is
ongeacht of dat naïef is
Om alleen
Om alleen
Om alleen

(gesproken tekst:)
Ik wist dat hij vriendinnen had.
Ik heb het hem gevraagd. Heb je vriendinnen? Hij zei: ja.
En ik zei: zijn ze aardig? Hij zei: ja.
En ik zei: als ze zo aardig zijn, dan wil ik ze graag ontmoeten. En hij zei… (slikt het in)

(gezongen tekst:)
U mag staren
Woorden roepen
In uw eentje
Of in groepen…

U mag schelden, slaan en stoeien
Met leren zweepjes en met boeien
U mag bijten, krabben, knijpen
Mijn borsten en mijn billen grijpen
U mag gillen, schreeuwen, schoppen
En mijn hart weer laten kloppen

(rustig)
Vreemde armen
Vreemde benen
Vreemde vingers in zijn haren
Waar zijn zij niet verschenen
Om even mij te kunnen zijn
Of lekkernij te kunnen zijn
Om te ruiken
Aan wat macht is
Om een arm zolang het nacht is
Om alleen
Om alleen
Om alleen

(gesproken tekst)
Vindt u mij aantrekkelijk?
(verandert pose) En zo? Wilt u mijn benen wat wijder?
Mijn borsten wat bloter? Roept u maar.
Ik hou van hem. Daarom lig ik hier.
Ik wil ook weten hoe het voelt om begeerd te worden door een vreemde.
Sowieso, om begeerd te worden.

(kijkt naar zichzelf, gezongen tekst:)

Vreemde rimpels
Vreemde borsten
Vreemde schouders in de spiegel
Die jarenlang naar liefde dorsten
Een liefde die nooit kwam
En niet meer komen zal
Omdat hij
Nooit geloofd heeft
In wat hij mij beloofd heeft
Zo alleen
Zo alleen
Zo alleen

(gesproken tekst)

Nederland is bevrijd.
Nu ik nog.

-.-

Zogenaamd Bernhard
Gezongen door: Ensemble + Juliana

VROUW 1&2&3 (muziek: sfeer Andrew sisters)
Uw prins koos in de oorlog onze kant,
Hij waagde zijn leven voor ons land,
Bluste tussendoor mijn binnenbrand,
Geen mof, geen vrouw was tegen hem bestand

VROUW 1 (gesproken) JULIANA
Kijk, dat is Bernhard, mijn Bernhard (lacht haar uit)
Zag je hoe hij naar me keek, vanuit die jeep?
Hij dropte bommen achter de vijandelijke linies.
 
 Hij vloog één keer mee:
Hij kocht zich in met een fles whisky!
Hij leidde het verzet.Dacht hij.
En waar was U?  



ENSEMBLE (muziek: sfeer Broadway musical)
Leve Bernhard, zogenaamd Bernhard
Dankzij hem is de oorlog voorbij
Leve Bernhard, hoogheid Bernhard
Prins van Oranje, maar Benno voor mij

Het is publiek geheim
Dat wij vrienden zijn
En het paleis, wil geen stampei
Maar als ik echt wil, dan
Maak ik het verschil
En dan is Berhard, Benno, van mij!

VRIEND VAN BERNHARD 1 (gesproken) JULIANA
Kijk, dat is Bernhard, mijn Bernhard Betalen jullie per uur of per klus?
Zag je hoe hij naar me keek,
vanuit zijn sportwagen?
 
Mijn sportwagen. Is mijn man aftrekbaar?
Het is een vriendendienst.
Bernhard opent deuren die voor anderen
gesloten blijven.
Dankzij mij.


VRIEND VAN BERNHARD 2 (muziek: Rock & Roll)
We zaten met wat Arabieren en een aktetas
Incognito en straalbezopen op een Grieks terras
Bernhard riep het meisje dus we namen nog een glas
Champagne en voor iedereen een sandwich met foie gras

VRIENDEN VAN BERNHARD 1&2
En nog een whisky, van Benno mijn vriend
En nog een whisky, we hebben heel veel verdiend
Met nog een whisky. En nog een whisky.
Met nog een whisky, van Benno mijn vriend.

VRIEND VAN BERNHARD 1
Geheel conform de etiquette van de upperclass
Met een miljoen aan smeergeld in de voering van mijn jas
Een kroonprins aan mijn zijde en een bril met donker glas
Dus vraag me niet waarom wanneer ik daar met wie nou was

VRIENDEN VAN BERNHARD 1&2
En nog een whisky, van Benno mijn vriend
En nog een whisky, we hebben heel veel verdiend
Met nog een whisky. En nog een whisky.
Met nog een whisky, van Benno mijn vriend.

ENSEMBLE (muziek: Broadway musical)
Leve Bernhard, zogenaamd Bernhard
Hij is slim, galant en gastvrij
Leve Bernhard, hoogheid Bernhard
Prins van Oranje, maar Benno voor mij

Het is publiek geheim
Dat wij vrienden zijn
En het paleis, wil geen stampei
Maar als ik echt wil, dan
Ben ik het verschil, man
En dan is Berhard, Benno, van mij!

ENSEMBLE
Ahoem oe oe Ahoem oe oe + dierengeluiden

VROUW 4 JULIANA
Kijk, dat is Bernhard, mijn Bernhard Betalen jullie per uur of per klus?
Zag je hoe hij naar me keek,
vanaf zijn rijdier?
 
Op jacht naar stropers
En zebra’s en gazellen en antilopen
En jonge hinden...
 

VROUW 5 (muziek: sfeer Afrikaans) ENSEMBLE
De smalle poel op de savanne
Spiegelt een prins met groot gezag
En de horizon golft als water
Ik ben wild en raak van slag
 
De vreemde prins ziet hoe ik schrik Ah!
vuurt koelbloedig zijn geweer Raak!
En ik val aangeschoten
in zijn sterke armen neer
 

VROUW 4&5 & ENSEMBLE
Het is
Benno oe Benno oe
Benno op een witte olifant
Het is
Benno oe Benno oe...

ENSEMBLE
Leve Bernhard, zogenaamd Bernhard
Prins van Oranje, maar Benno voor mij
Leve Bernhard, hoogheid Bernhard…

JULIANA (muziek: Om alleen…) VROUW 1&2&3 (muziek: als Andrew Sisters
Vreemde armen U prins had nog drie dochters
Vreemde benen buitenshuis
Vreemde vingers in zijn haren op Kerstmis na was hij niet één dag
Waar zijn zij niet verschenen bij u thuis
Om even mij te kunnen zijn Ik nam hem op het aanrecht, en het fornuis
Om lekkernij te kunnen zijn Lang leve uw oranje, koningshuis

VROUWEN (muziek: Broadway musical)
Leve Bernhard, zogenaamd Bernhard
Als hij jaagt dan jaagt hij op mij
Leve Bernhard, hoogheid Bernhard
Prins van Oranje, maar Benno voor mij

ENSEMBLE
Het is publiek geheim
Dat zij gescheiden zijn
En het paleis, wil geen stampei

JULIANA
Maar als ik echt wil, dan
Maak ik het verschil
En dus blijft Bernhard, Benno, van mij!

ALLEN
Leve Bernhard, zogenaamd Bernhard
Hij is mijn held, mijn scharrelei
Leve Bernhard, hoogheid Bernhard
Prins van Oranje, maar Benno voor mij

Het is publiek geheim
Dat wij vrienden zijn
En het paleis, wil geen stampei
Maar als ik echt wil, dan
Maak ik het verschil
En dan is Berhard, Benno, van mij!

-.-

Ik ken hem uit verhalen
Gezongen door: Buitenechtelijke dochters van Bernhard

DOCHTER 1:
Op school hield ik een spreekbeurt
Over het supersterren leven
Van de kroonprins en de juffrouw vroeg
Of ik dit zelf had geschreven
Ik kreeg een negen met een plus
Het allerhoogste van de klas
Maar nooit mocht ik vertellen
Dat die knappe prins mijn vader was

Refrein:
Ik ken hem uit verhalen
Een held met een baret
Een prins van avonturen
Beroemd en druk bezet
Ik ken hem uit verhalen
Met smaak uiteen gezet
Maar nooit las hij me voor
Nooit las hij me voor
Op het randje van mijn bed

DOCHTER 2:
Toen ik acht werd, vroeg ik mama
Om een grote meisjespop
In een roze jurk met glitters
En een kroontje bovenop
Aan haar voeten gouden schoentjes
Om haar dunne nek juwelen
En bij die pop een papa
om de sprookjesprins te spelen

Refrein:
Ik ken hem uit verhalen
Een held met een baret
Een prins van avonturen
Beroemd en druk bezet
Ik ken hem uit verhalen
Met smaak uiteen gezet
Maar nooit las hij me voor
Nooit las hij me voor
Op het randje van mijn bed

DOCHTER 1:
Op Prinsjesdag geen school voor mij
Ik keek alleen tv
DOCHTER 2:
Naar de gouden koets, de paarden
Mijn moeder keek met mij mee
DOCHTER 1&2:
Want later als ik groot ben,
wist ik, word ik ook prinses,
en dan sta ik op Prinsjesdag
Naast mijn pa op het bordes

Refrein:
Ik ken hem uit verhalen
Een held met een baret
Een prins van avonturen
Beroemd en druk bezet
Ik ken hem uit verhalen
Met smaak uiteen gezet
Maar nooit las hij me voor
Nooit las hij me voor
Op het randje van mijn bed

Bernhard © 2012 Mark Boode

 

----

1. Column, ANWB Kampeer- en Caravan Kampioen
2. Kinderboek, De Ezel van Os
3. Bernhard, Presentatie M-Lab
4. Toneel, The Chriz
5. Gandhi. de musical

 

the Chriz

THE CHRIZ



Familievoorstelling. Alisia is beland in de wereld achter Kerstmis. Alle beelden uit de stal zijn tot leven gekomen. Alisia is onderweg van de stal naar de Chriz. Hieronder een fragment uit scene 7, in het huis van Maria.

GABRIËLA
Sorry dat ik te laat ben. Alles gaat mis dit jaar. De herders zijn dronken. De stal zit vol kalkoenen. En de kerstster heb ik uitgeleend aan een meisje en een blikopener. Gabriëla en Maria zoenen elkaar als bekenden, toch houdt Maria enige reserve.

GABRIËLA
Goed je weer te zien.

MARIA
Koffie?

GABRIËLA
Heerlijk.

Maria geeft Gabriëla een mok koffie die Gabriëla gelijk gebruikt om haar handen aan op te warmen.

MARIA
(aarzelt) Gabriëla… Ik heb besloten dat ik een jaartje oversla.

Gabriëla verslikt zich. Ze kijkt naar Edraële en Elemitiël of af te tasten wat er gebeurd is. Die maken met een gebaar duidelijk dat zij het ook even niet weten.

GABRIËLA
Je kunt een vraag van de Chriz niet zomaar weigeren.

MARIA
Ik trek het gewoon even niet meer.

GABRIËLA
(raakt in paniek, dringt aan) We liggen al achter op schema. Jij en Jozef móeten je spullen pakken.

Maria schudt haar hoofd van niet, ze is duidelijk aangeslagen.

GABRIËLA
Waar is Jozef?

MARIA
Iedereen laat Jozef vallen. Hij is er kapot van.

Gabriëla vermant zich en staat op om polshoogte te nemen.

GABRIËLA
Waar is hij?

MARIA
De grote stukken op bed. De andere op het nachtkastje. En de kleine stukjes bij elkaar in een vla-schaaltje.

Gabriëla gaat moedeloos weer zitten.

GABRIËLA
Het spijt me. (tegen de andere elfen) Kijk of er nog stukjes op de grond liggen.

De elfen gaan zoeken. Maria en Gabriëla blijven achter op het podium.
Stilte. Maria verzamelt moed om te zeggen wat ze wil zeggen. Gabriëla geeft haar de tijd.


MARIA
Het wordt me te veel, Gabriëla. Elk jaar kom ik met blaren op mijn voeten aan in die stal.
Elk jaar pers ik tussen het stro een baby eruit.
En elk jaar kijk ik dagenlang naar dat kindje in die kribbe.
Mijn kindje.
En het enige dat ik kan denken is…
Ik wil dat je gewoon gaat voetballen
Met autootjes spelen, gamen van mijn part…
Maar mijn kind gaat boeken lezen, mensen helpen…
En hij leest jongens die drie keer zo sterk zijn dan hij de les.
Hij is te goedgelovig, hij noemt iedereen ‘mijn vriend’.
Maar als het moeilijk wordt,
zeggen zijn beste vrienden dat ze hem niet kennen.
Elk jaar kijk ik dagenlang naar dat vreemde kind in die kribbe.
(met liefde én pijn) Mijn kind.
En ik weet wat er gaat komen.
Leg mij maar eens uit waarom kerstmis een feestje is.

Stilte. De vrouwen zitten zwijgend naast elkaar.
Gabriëla heeft te doen met Maria, ze laat merken dat ze het probeert te begrijpen.
Er klinkt geluid van een gure wind. Er waait sneeuw naar binnen.
Met de sneeuw zweeft de kerstster naar binnen.
Die ploft uitgeput op de grond.


GABRIËLA
Mijn ster! Je bent helemaal bevroren. Waar is het meisje?

De ster mompelt wat onverstaanbaars. Gabriëla kijkt achterom.
Opnieuw klinkt het geluid van wind en waait er sneeuw naar binnen.
Alisia komt binnen, gevolgd door Blikopener, kalkoen Turkie en het schaapje Bebe.
Ze zijn verkleumd.


GABRIËLA
Alisia! Dit is het werk van Delilah, dat kan niet anders. (tegen ster) Goed dat je ze hier naartoe hebt gebracht.

Alisia staart naar Maria.

ALISIA
U bent Maria,…

Alisia knielt. Blikopener, Turkie en Bebe volgen haar voorbeeld.

ALISIA
Ik ken u uit het stalletje. Wij gaan nooit naar de kerk. Maar met kerstmis gaan we altijd bij het stalletje zitten. Naast de boom. Met warme chocomel. En kerstbrood. En eerst lazen we altijd het kerstverhaal. Maar nu niet meer. Want we hebben alleen een kinderboek.

MARIA
(lief) Kom, ga lekker zitten.

ALISIA
(gaat staan) Sorry, ik ben Alisia. Ik ben van… dáár.

Alisia schudt Maria de hand, Blikopener, Bebe en Turkie volgen haar voorbeeld.

BLIKOPENER
Blikopener, ik ben overbodig.

BEBE
Bebe, aangenaam, ik ben anders.

TURKIE
Turkie, ik ben te mager.

MARIA
(lacht) Ga zitten. Ik ga soep opwarmen.

GABRIËLA
Laat mij de soep doen. Dan kun jij ondertussen je spullen pak…(ken.)

MARIA
Ik ga niet. Ik ga niet zonder Jozef.

Maria zet een pan soep op.

MARIA
En dit jaar wil ik een meisje.
Een meisje zoals zij. (ze doelt op Alisia)

ALISIA
Het spijt me. Het spijt me dat we hier zomaar binnenvallen. Ik wil hier helemaal niet zijn. Ik wil naar huis, kerstmis vieren. Maar Blikopener gaf me een cadeau en toen ik keek wat het was, begon het te sneeuwen en opeens stonden we hier en niemand kan me vertellen hoe ik terugkom.

MARIA
Dus alles is de schuld van Blikopener?

ALISIA
Ja!

Blikopener is verontwaardigd. Alisia voelt zich ongemakkelijk.

ALISIA
Nee. Eigenlijk is het de schuld van de Garde. Hij zei dat ik naar de Chriz moest.

MARIA
Omdat?

ALISIA
Kerstmis slaat nergens op. Iedereen is wekenlang aan het sjouwen met kerstbomen en cadeaus en boodschappen voor wat?

MARIA
Het is gezellig. Mensen nemen de tijd voor elkaar.

ALISIA
Nee! Iedereen is alleen maar met zichzelf bezig.

(opnieuw kwaad) Ik wilde gewoon een dagje schaatsen!

Stilte. Alisia realiseert zich dat ze ook alleen aan zichzelf dacht. Ze schaamt zich.

MARIA
En daarom ben je hier?

ALISIA
Het spijt me echt dat ik u lastig val precies op het moment dat de engelen… (u vragen om de moeder van Jezus te zijn)

ALISIA
vEigenlijk geloof ik helemaal niet in engelen… en elfen en in levende blikopeners en eigenwijze schapen en betweterige kalkoenen en al helemaal niet in God en in Jezus en in… (kijkt naar Maria, stopt plotseling met praten)

MARIA
Mij.

Stilte. Alisia voelt zich betrapt.

ALISIA
(schaamt zich) Ja. Ik bedoel: nee. Ik bedoel wat u bedoelt.

Maria is even geraakt, zoekt met haar ogen steun bij Gabriëla, vermant zich dan.

MARIA
Lusten jullie tomatensoep?

BLIKOPENER
(glundert) Uit blik?

MARIA
Nee, vers, het spijt me.

BEBE
Graag mevrouw.

Gabriëla deelt de soep uit.

MARIA
(lief, geduldig) Waar geloof je wel in?

ALISIA
(aarzelt) Ik geloof alleen in mezelf. Denk ik.

MARIA
Maar?

ALISIA
Nu ben ik hier. En alle kalkoenen zijn op de vlucht voor de boze fee.
En de herders zijn de weg kwijt. En de schapen hebben al dagen niet gegeten.
En ik heb ze allemaal beloofd om te kijken of ik iets kan doen.
En zij…

Alisia kijkt naar Blikopener, Turkie en Bebe.

ALISIA
Zij geloven in mij. Dus ik kan niet zomaar terug. Ik wil niet zomaar terug.
Ik móet ze helpen. Snapt u?

Stilte. Maria denkt na over haar eigen rol in het verhaal.

MARIA
Ja. Dat snap ik. Dat snap ik heel goed.

BLIKOPENER
De soep is heerlijk, mevrouw.

MARIA
Willen jullie nog een beetje?

ALISIA, TURKIE, BEBE
(tegelijk, door elkaar) Graag, mevrouw!

BLIKOPENER
(leest ze de les)Er zijn nog meer gasten.

Maria schept zelf de mokken opnieuw vol.

MARIA
Er is genoeg. Die truc heb ik van mijn zoon geleerd.

Maria geeft het gezelschap soep.
Stilte. Ze eten. Alisia kijkt om zich heen, zoekt.


ALISIA
Waar is Jozef?

Maria betrekt, wordt weer verdrietig.

MARIA
Gebroken. Je vader liet hem op de grond vallen.

Alisia is in de war. Dan snapt ze dat Maria het levende beeld uit de stal is.
Blikopener, Turkie, Bebe en de engelen kijken Alisia kritisch aan.


ALISIA
(tegen allemaal) Het spijt me. Het spijt me echt. Hij was druk en… Ik weet zeker dat hij hem zal lijmen. (tegen Maria) En anders lijm ik hem. Zodra ik thuis ben.

Alisia realiseert zich opeens dat thuis nog heel ver weg is.
En dat ze nog steeds niet weet hoe ze er moet komen.


ALISIA
(tegen Maria) Ik beloof het.

MARIA
(aarzelt) Ik wil je een cadeautje geven. Een bijzonder cadeautje.

Maria staat op om het cadeautje te pakken.

GABRIËLA
Maria… Niet doen. Dit heb je zelf nodig.

MARIA
(geïrriteerd) Ik doe al tweeduizend jaar elk jaar hetzelfde. Dat kan ik inmiddels ook wel zonder jullie cadeautje.

Maria pakt het cadeautje.
Alisia knielt opnieuw voor Maria.
Maria knielt neer bij Alisia.


MARIA
Kniel niet voor mij maar voor jezelf. En geef je leven aan de idealen waar jij in gelooft.

ALISIA
(aarzelt, schaamt zich) Ik weet niet waar ik in geloof.

MARIA
(lief, rustig) Dat komt wel.

Maria geeft Alisia het cadeautje.

MARIA
Alsjeblieft.

ALISIA
Een spiegeltje? Het is prachtig.

MARIA
Het is gemaakt door de elfen.

ALISIA
Mag ik… kan ik gewoon… (kijken?)

MARIA
Natuurlijk.

Alisia kijkt.

MARIA
Wat zie je?

ALISIA
(lacht) Mezelf natuurlijk.

MARIA
Kijk nog eens goed.

Alisia kijkt nog een keer. Eerst voorzichtig. Dan schiet in de lach omdat ze opnieuw zichzelf ziet. Daarna wordt ze bezorgd. Hierna slaat ze beschaamd haar ogen neer. Maria wacht. Alisia kijkt nog een keer, nu rustig en open.

MARIA
Er hoort een rijmpje bij.

(zingt zacht:)

Weet je niet meer wie je bent
Of je de juiste kant op rent
Dit cadeautje leert je dat je
hart al lang het antwoord kent


Alisia laat het spiegeltje rustig zakken.


ALISIA
Ik weet niet goed… (ze stopt) (…wat ik moet zeggen.)

MARIA
Help je vrienden. Ga naar huis. En zet mijn man weer in elkaar. Want ik heb heel hard iemand nodig die af en toe een arm om me heen slaat.

Maria gaat staan en helpt daarna Alisia overeind.

ALISIA
Dat doe ik. Ik beloof het.

Maria en Alisia omhelzen elkaar.

MARIA
Ik moet opschieten. Ik moet m’n spullen pakken. Goede reis.

ALISIA
U ook.

De elfen beginnen Maria te helpen.

ALISIA
(energiek) We gaan.

TURKIE
(klaagt) M’n veren zijn nog nat.

BEBE
Mijn krullen zijn uitgezakt.

BLIKOPENER
(kijkt kritisch) Inderdaad, ik keur jullie nog geen blik waardig.
(ongeduldig) Lopen! We hebben geen tijd te verliezen.

Alisia is blij dat Blikopener haar helpt. Ze kijkt in het spiegeltje. Dan begint ze te zingen. Het begint weer te sneeuwen. Alisia en haar vrienden lopen af.

ALISIA
(zingt)
Weet je niet meer wie je bent

TURKIE
Of je de juiste kant op rent

ALISIA, TURKIE, BEBE, BLIKOPENER
Dit cadeautje leert je dat je
hart al lang het antwoord kent.

 

----

1. Column, ANWB Kampeer- en Caravan Kampioen
2. Kinderboek, De Ezel van Os
3. Bernhard, Presentatie M-Lab
4. Toneel, The Chriz
5. Gandhi. de musical

 

gandhi

GANDHI, DE MUSICAL


Scène 13 – Sabarmati Ashram (1930)


Midden op het toneel staan een krukje, twee emmers water en een bak.
Kasturba treft voorbereidingen om Gandhi’s voeten te wassen.
Op de veranda van de ashram is Gandhi’s werkplek ingericht.
Gandhi komt op. Hij is slapjes. Danibehn ondersteunt hem.

GANDHI
(tegen Danibehn) Heel India is mijn gezin geworden. Ik ben de vader van kinderen die ik niet ken, maar mijn eigen kinderen zijn vreemden geworden.

Gandhi gaat op het houten krukje zitten.

DANIBEHN
U bent afgevallen. Iedereen maakt zich zorgen.

GANDHI
(lacht) En ik maak me zorgen om iedereen.
(serieus) De Hindoes en de Moslims moeten ophouden met hun onderlinge ruzies.

Kasturba wast de voeten van Gandhi (foto zie fotobiografie blz 116).

KASTURBA
(luchtig) Met Mohandas is het elke keer hetzelfde liedje. Als er ergens in India ruzie is geeft hij zichzelf de schuld en begint hij aan een vasten.

DANIBEHN
Maar 21 dagen zonder eten?

GANDHI
(pauze) Als ik het niet haal hoeft niemand meer na te denken over een passend grafschrift: ‘Verdiende loon, gij dwaas.’

Gandhi lacht om zichzelf en moet zwaar hoesten.
Danibehn trekt de omslagdoek verder om Gandhi’s schouders, ze is niet gerustgesteld.

GANDHI
Soms heb ik gewoon een paar vrije dagen nodig. Als ik praat, hangt iedereen aan mijn lippen. Als ik zwijg, vindt iedereen het spiritueel. India denkt dat ik overal een antwoord op heb. Maar dat heb ik niet.

Kasturba droogt Gandhi’s voeten af.
Danibehn helpt Gandhi overeind.

GANDHI
(tegen Danibehn) Wat ogen zijn voor de buitenwereld, is mijn vasten voor de binnenwereld. De rust dwingt me om te luisteren naar mijn innerlijke stem. Ik noem het de stem van God.

Gandhi loopt met Danibehn naar zijn werkplek en gaat op de kussens zitten.
Kasturba knielt naast het bed en begint zijn voeten te masseren.

GANDHI
Au! Rechts wat harder, links wat zachter.

Kasturba doet het, Gandhi ontspant.

GANDHI
(tegen Danibehn) Niemand kan mijn voeten masseren zoals Kasturba dat doet.

KASTURBA
(vrolijk, tegen Danibehn) Mohandas is een veeleisende echtgenoot, ook al denken de meeste mensen van niet.

GANDHI
En Kasturba is een eigenwijze vrouw, ook al zien de meeste mensen dat anders.

Gandhi en Kasturba lachen.
Gandhi gaat nog wat beter zitten en geniet van de massage.

GANDHI
(tegen Danibehn) Zou jij een glas water voor me kunnen halen?

DANIBEHN
Natuurlijk, Bapu.

Danibehn gaat af.
Kasturba blijft masseren.

KASTURBA
Ik maak me zorgen om onze zoons. Harilal mist zijn vrouw. Sinds zij overleden is… Hij drinkt, hij gokt.

GANDHI
Ik heb hem aangeboden op de ashram te komen wonen.

KASTURBA
Hij vindt de regels te streng.

GANDHI
Harilal moet een voorbeeld nemen aan zijn broer. Die geeft zijn hele leven aan de vrijheidsstrijd. En klaagt nooit.

KASTURBA
(ernstig) Mohandas, je maakt je druk om het hele land. Kun je niet iets meer aandacht hebben voor onze eigen kinderen?

GANDHI
(geïrriteerd) Horen zij dan niet bij het land?
(zucht) Ik weet het niet meer, Kasturi, ik weet het niet meer. De vrijheidsbeweging is uit elkaar gevallen. Overal in het land vechten Hindoes en Moslims met elkaar.

KASTURBA
Je maakt je te druk. Van de dokter moet je meer aan recreatie doen.

GANDHI
Wat stelt hij voor, een spelletje? Cricket of bridge?
Zeg tegen de kleine kinderen op de ashram dat ik met hun een wedstrijdje wil spelen: spinnen.

KASTURBA
De meeste kinderen hebben van mij les gehad. Ze zouden wel eens van je kunnen winnen.

Ze lachen.

GANDHI (trekt zijn voet weg)
Au!

KASTURBA
Stel je niet zo aan. Moet jij India bevrijden?

Kasturba stopt met masseren.
Danibehn komt op met een glas water.
Gandhi gaat rechtop zitten en neemt een slok.

GANDHI
Je bent het zout vergeten.
Als ik vast, word ik misselijk van water zonder zout.

DANIBEHN
Het spijt me, Bapu.

KASTURBA
Het geeft niets, Danibehn. (plagerig, maar gemeend) Mohandas weet dat hij lastig is. Als hij eenmaal iets in zijn kop heeft…

DANIBEHN
Ik ga nieuw halen. Mét zout.

Danibehn af. Kasturba wil verder gaan met masseren.

KASTURBA
Mohandas, ik maak me echt zorgen om onze zoons.

Samar komt op, met enkele aanhangers, hij is opgefokt.

SAMAR
Bapu…

Allen buigen voor Gandhi en vallen daarna op hun knieën, alleen Samar blijft staan.

GANDHI
(tegen Kasturba) Zelfs tijdens een massage laten ze me niet met rust.

Kasturba glimlacht spijtig, ze trekt zich terug.

SAMAR
(wijst op zijn vrienden) Zij werkten op het gemeentehuis. De Engelsen hebben hen ontslagen. Nu doen drie Moslims hun werk. Alle Hindoes zijn woedend. U móet iets doen.

GANDHI
Wat kan ik doen? Ik kan geen wonderen verrichten.

SAMAR
Iedereen rekent op u.

GANDHI
(beheerst zichzelf) Dan moet iedereen ook rekening houden met mijn tekortkomingen.

SAMAR
De Engelsen trekken de Moslims voor.


GANDHI
(grimmig) En wij laten het toe. Waarom geven wij hen die macht?

Samar wenkt naar zijn vrienden.
Ze zetten een mand met dadels en sinaasappels voor Gandhi neer.

SAMAR
(radeloos) We hebben dadels meegenomen en sinaasappels. Wij willen dat u eet. Waarom pakt u ons aan en niet de Engelsen?

GANDHI
(rustig) Hoe kunnen wij ons eigen land besturen, als wij onderling niet in vrede kunnen leven? Niemand zou voor de Engelsen moeten werken. Daarom moeten jullie vriendschap sluiten met de Moslims. Als alle Indiërs samenwerken, hebben de Engelsen hier niets meer te zoeken.

SAMAR
Ik denk niet dat de Engelsen ons die kans zullen geven.

GANDHI
Dan zullen we die moeten afdwingen.

SAMAR
(paniek, onmacht) Hoe, Bapu, hoe? Wat wilt u van ons?

GANDHI
Wat willen jullie van mij? Jullie zijn naar mij toegekomen. Niet andersom.
Maar als ik iets mag vragen, ik heb wel een wens.

Samar is verbaasd.

GANDHI
Ik wil dat jullie voor jezelf gaan denken.

Samar is verbijsterd.
Danibehn komt op met een nieuw glas water, ze ziet dat ze op een onhandig moment komt en wacht op gepaste afstand.
Samar wenkt zijn vrienden, die staan op.

SAMAR
Bapu, wij zullen alles doen wat u van ons vraagt. Maar wat doet u? (kwaad) U eet niets, u hongert uzelf uit. Als u doodgaat, kleeft uw bloed aan onze handen. Waarom geeft u de Hindoes de schuld? Ik snap het niet. Straks denkt iedereen dat u ook voor de Moslims bent.

Samar en zijn vrienden gaan af.
Danibehn wacht even, loopt dan aarzelend naar Gandhi.

GANDHI
(verdrietig, tegen Danibehn) Ze noemen me Mahatma, grote ziel. Ze vallen op hun knieën voor me. Soms drukken ze elkaar bijna dood om me aan te raken. Maar wat is het waard als ze mijn boodschap niet proberen te begrijpen?

Danibehn knielt naast Gandhi en reikt hem het glas aan.
Gandhi brengt het glas naar zijn mond, maar neemt nog geen slok.

GANDHI
Van Kasturba moet ik rustig aan doen. Maar hoe kan dat? Christenen bezetten ons land, ze verdelen onze bezittingen, ze maken Moslims bang voor Hindoes en omgekeerd en ze pakken iedereen op die niet meewerkt. Ik ben een Hindoe, maar ik voel me net zoveel Moslim en Christen, Jood, Sikh en Parsi. Er moet iets gebeuren. Ik denk er dag en nacht over na maar zie nog geen lichtpuntje in de duisternis.

Gandhi neemt een slok en glimlacht even naar Danibehn.

GANDHI
En nu heeft mijn tweede zoon, me gevraagd om te trouwen met een moslimvrouw.
Ik heb het Kasturba nog niet durven vertellen.

Achter hen komt Kasturba op met een stapeltje brieven.
Gandhi en Danibehn merken haar niet op.
Kasturba vangt de laatste zin op en blijft staan om te luisteren.

DANIBEHN
(ongemakkelijk, aarzelt) Bent u van plan om toestemming te geven voor het huwelijk?

GANDHI
Nee.

Danibehn kijkt naar de grond, Gandhi draait zijn hoofd weg.

GANDHI
Wat kan ik doen? Hij is míjn zoon, het hele land zou op zijn kop staan.
India is nog niet toe aan een gemengd huwelijk.

Stilte.

DANIBEHN
(haalt diep adem) U moet het Kasturba vertellen.

GANDHI
Een heel leger Engelsen kan mij niet bang maken, maar Kasturba durf ik soms niet in de ogen te kijken.

Stilte.

KASTURBA
Wat hoor ik, Mohandas? Jij, bang voor mij?

Gandhi en Danibehn ontdekken Kasturba, Danibehn schrikt.

KASTURBA
Het geeft niet, Danibehn.
(tegen Mohandas) Laat me niet lachen.

Gandhi en Kasturba lachen samen.
Stilte.

GANDHI
Wat moet ik zeggen?

KASTURBA
De waarheid, Mohandas. Ik heb leren eten met onaanraakbaren. En als mijn zoon wil trouwen met een Moslim, zal ik dat respecteren. Maar ik steun je in je beslissing. Ik zal zelf een andere vrouw voor hem zoeken.

GANDHI
Mijn Mahatmaschap is een vloek geworden voor mij en mijn familie. Mijn troost is alleen dat jullie deze last samen met mij dragen, en me nog steeds de status van vader geven.

Gandhi kijkt dankbaar naar Danibehn.

GANDHI
(luchtig) Waar maken we ons druk om? Als ik vast, heb ik bijna niets nodig. Alleen de liefde van Kasturba, water en een snufje zout. De liefde van Kasturba is onuitputtelijk, in de put zit meer water dan ik op kan, en het…Zout. Danibehn, je kunt beter luisteren dan ik.

Gandhi pakt pen en papier en legt het voor zich.

KASTURBA
Mohandas, je moet rust nemen als je niets eet.

GANDHI
Nee, ik moet wat brieven schrijven.


Gandhi, de musical © 2012 Mark Boode

 

1. Column, ANWB Kampeer- en Caravan Kampioen
2. Kinderboek, De Ezel van Os
3. Bernhard, Presentatie M-Lab
4. Toneel, The Chriz
5. Gandhi. de musical